Reisoverzicht, deel 4


3 februari tot 11 april 2003

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[FOTO: SAL\SAL AANKOMST of SAL\SAL IN ZICHT 1 of SAL\SAL IN ZICHT 2] VOLGT

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[FOTO: BOAVISTA\DUIKEN\DUIKCURSUS MET APPARATUUR of BOAVISTA\DUIKEN\DUIKEN BIJ HET STRAND]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[FOTO: TARRAFAL\GEPEN VISSEN BIJ NACHT of TARRAFAL\PUTU'S BAR 1]

 

 

 

 

 

 

[FOTO: TARRAFAL\VISMARKT 2 of VISMARKT 4]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[FOTO: FOGO\ LAATSTE UITBARSTING 1 of FOGO\LAATSTE UITBARSTING 4]

 

 

 

 

 

 

 

 

[FOTO:FOGO\KOFFIEOOGST of FOGO\KOFFIEBONEN DROGEN OP HET DAK 3]

 

3 februari 2003 - Vertrek Canarische eilanden
Er is weinig wind, pas tegen de schemering kunnen we de zeilen hijsen en maken we net genoeg voortgang om de autopiloot van stroom te kunnen voorzien. Maar wel al twee tonijnen van anderhalve kilo per stuk aan de haak! En ook nog bezoek van dolfijnen. Dirk zegt: "Ik heb het gevoel dat we in een keer al onze snoepjes opeten."

7 februari 2003 - N 21º19' W 19º40'
Om half vijf gewekt door Rob. Een van de twee accubanken is stuk, de autopilot doet het daardoor niet, en ook de navigatieapparatuur en onze buitenverlichting zijn zonder stroom. We sturen met de hand, steken een olielamp aan - eerst slapen, dan zoeken wat er aan de hand is. We slagen er in de belangrijkste dingen aan te sluiten op de accubank die nog goed is, en gebruiken de satelliettelefoon voor overleg met Sybren, die het hele systeem heeft aangelegd. Zo halen we de Kaap Verden wel en dan zien we verder.

9 februari 2003 - N 17º21 W 22º52
Om precies 1245 verschijnt Sal in zicht - een kale berg middenin zee . In de havenkom van Palmeira zien we de Indigo liggen - ze hebben dus echt op ons gewacht. Er is niemand aan boord. We leggen ons anker ernaast. Overal zand, een kaal woestijnlandschap, een Shell station en een tonijnfabriek. Wat verroeste jachten en verschillende wrakken half boven water. Heerlijk weerzien met de bemanning van de Indigo, die ons voederen, waarna we in diepe slaap vallen.

13 februari 2003 - Sal (Kaap Verdië)
Mienco Dijkstra, de schipper van de Indigo, helpt ons de hele dag met het systematisch doormeten van het elektrisch systeem en aan het eind van de dag worden we beloond. Uiteindelijk is het een simpel probleem, alle ingewikkelde apparatuur is nog goed, alleen moet er een nieuwe min-kabel worden aangelegd. Palmeira is een klein achtergebleven oord waar een paar honderd mensen wonen. Op het dorpspleintje onder de boom is dagelijks om vier uur brood, in het cafeetje zit de bazin de hele dag te kaarten met wat verlopen vissers. We treffen er ook verbazend veel Nederlands-sprekende Kaapverdianen, die enige tijd op Nederlandse schepen hebben gewerkt.

17 februari 2003 - Sal (Kaap Verdië)
Vandaag is de hele bemanning eendrachtig bezig de Behemoth en de Indigo vol water te laden. Bij de waterplaats in het dorp halen we honderden liters water weg. Van te voren waren we bang dat dat helemaal niet kon - iedereen zo van water te beroven - maar het lijkt geen probleem te zijn, er wordt gewoon nog een auto vol water besteld. De zandstorm waait weer fors, 25 tot 35 knopen heel de dag.

18 februari 2003 - Sal (Kaap Verdië)
Op deze laatste dag hier bezoeken we de zoutmijnen bij Salinas, aan de noordoostkant van het eiland. Onvergetelijk landschap. In de vulkaankrater zijn de zoutvelden, onderweg erheen de staketsels die de kabelbaan - het voormalige transportmiddel - ondersteunen. In de tunnel door de kraterwand heen uitzicht vooruit op de zoutvelden en achteruit op zee. Het zeewater sijpelt door de vulkaanwand heen naar binnen en wordt daar verdampt. In het water kun je ook zwemmen, je drijft er als een boomstam bovenop. Morgen vertrekken we naar het volgende eiland - Boavista.

27 februari 2003 - Boa Vista (Kaap Verdië)
Vandaag sloten we de duikcursus af - Ties, Mienco, Richtje en ik. Onze leraar was Atila, van oorsprong Braziliaan. Zijn Italiaanse vrouw Rosie mummelt op de achtergrond steeds mee wat Atila aan ons vertelt en wijst hem er snel in het Italiaans op als hij iets vergeet. De omstandigheden op Boavista zijn niet ideaal voor een duikschool, hij is dan ook gevestigd in een container op het strand. Succesvolle bedrijven die niet in handen van Italianen zijn, vliegen hier trouwens stelselmatig in de fik, dus wat dat betreft kan hij maar beter klein blijven. Zijn lijfspreuk: "Eeverything is complicaa-aated in BoaViiista". De eerste dag was het flink schrikken, maar inmiddels zetten we allemaal zonder blikken of blozen onze maskers op en af onder water, en ademen rustig door. Het gaat allemaal om controle en je verstand erbij houden. Lijkt meer op zeezeilen dan ik had gedacht.

28 februari 2003 - Boa Vista (Kaap Verdië)
Helaas, vandaag blijken onze kansen op Kaapverdiaans carnaval definitief van de baan. Rob heeft zware kaakontsteking, kan haast alleen kreunen, en ik ben door een ongelukkige stap uit de bijboot helemaal door mijn rug gegaan. Bedrust, thee en pijnstillers is wat we nodig hebben. De stemming laat zich raden.

5 maart 2003 - Boa Vista (Kaap Verdië)
Zo veel mogelijk plat liggen is het medicijn voor een kapotte rug. Ik leer uit een boek van Mienco een paar hoofdstukken uit mijn hoofd over het onderhoud van elektrische systemen aan boord. En als dat uit is ook de dieselmotoren en dan ook nog het hoofdstuk startmotoren. Eens zal het van pas komen. Er zijn hier geen dokters en ook geen tandartsen. Rob's kaakontsteking breekt zodanig los dat hij in een vliegtuig naar Sal op en neer gaat om de tandarts te bezoeken.

9 maart 2003 - BoaVista (Kaap Verdië)
Er schijnen walvissen aangekomen te zijn in onze baai - vanochtend vroeg heb ik er door de kijker een zien spuiten. Bij de Indigo waren de zeeschildpadden al eerder deze week langs komen zwemmen. Het water hier is azuurblauw en volkomen helder, de stranden zo uit de meest flashy folders. Maar de watercentrale van het eiland is al een paar weken stuk. Niemand heeft meer vers drinkwater. Een containerschip in de haven kan om ons onduidelijke redenen zijn meel niet lossen - de bakker bakt dus geen brood. Toch is er af en toe pizza in de pizzeria. De straten zijn Portugees bestraat, maar de mensen lopen er op blote voeten overheen, in lompen en lorren gekleed. Behalve vis is hier geloof ik helemaal niets en zeker niets vanzelf. Zowel de rug als de kaak beginnen enigszins te herstellen sinds vandaag.

15 maart 2003 - Tarrafal (Kaap Verdië)
Na een nacht varen, komen we enkele uren na de Indigo aan op het eiland Santiago, in de Baia do Tarrafal. Een ontzagwekkend eiland, grote steile steenmassa's rijzen op uit zee. De baai is lieflijk en rustig, vlak water, een strand. Het water kraakhelder, je kunt tien meter onder water de bodem zien. Kleurige vissen overal, 's avonds zoveel gepen dat je ze zo uit het water schept. En er zijn eieren, meel, water! Een boom op het strand en een leuk cafeetje! Wat een verademing. Mienco denkt met weemoed terug aan Boavista, maar Rob en ik zwelgen in de rijkdom.

22 maart 2003 - Tarrafal (Kaap Verdië)
Iedere dag komen de vissers aan het strand met hun vis. De vrouwen zitten op het strand te wachten met hun kommen om de vis te kopen en even later op de markt weer te verkopen. Voor zes uur vanavond was een zangwedstrijd aangekondigd. We kwamen er niet terecht. Maar wel bij de generale repetitie voor de Miss Tarrafal-verkiezingen van volgende week. De kushandjes aan Dirk zijn niet van de lucht, Ties en Rob mogen een beetje in de weelde delen. Slap van het lachen komen we met de meiden naar buiten. Het is inmiddels middernacht en mooi geweest.

26 maart 2003 - Fogo (Kaap Verdië)
We zouden vanuit Tarrafal naar Gambia varen, maar laten ons door de Indigo overhalen om nog mee te gaan naar Fogo, een nog levende vulkaan, op Brava na het meest zuidwestelijke eiland van Kaap Verdië. Nog in de negentiende eeuw was de vulkaan een van ver zichtbare vuurbol die als een natuurlijke vuurtoren fungeerde. In 1995 was de laatste uitbarsting. Tussen Fogo en Brava verhevigt de wind, plotseling schiet de windsnelheid van 12 naar 35 knopen. Op dat moment - terwijl we snel gaan reven - hangen er twee grote vissen aan Dirk's sleepvislijn. De grootste ontsnapte in de consternatie. De kleinste, toch nog 2,5 kilo, eten we 's avonds bij de Indigo aan boord op.

29 maart 2003 - Fogo (Kaap Verdië)
Per aluguer (taxibus) over het eiland naar de vulkaankrater. Prachtig landschap onderweg, dit eiland is weer heel anders dan alle andere tot nu toe. Fogo lijkt het meest verzorgd, maar is ook verreweg het heetst. Water wordt vervoerd in binnenbanden op de ruggen van ezels. [FOTO: FOGO\WATER HALEN]. Overal kostgrondjes, tuintjes, met bananen, bonen, maïs, tomaat, kool. Er zijn ook druiven. De zon is hier zo heet en er is zo weinig water dat de druiven al rozijnen zijn voor ze worden geplukt. De wijn is heel donker, zoet en zwaar - haast port. In de grote krater halen we Tony, de chauffeur, over om de route te volgen die in onze reisgids beschreven staat - onderlangs de kraterwand, langs de sporen van de laatste uitbarsting. Vertraagd ramptoerisme. Je ziet de steenmassa's nog half over gebouwen heen liggen, de beweging goed zichtbaar in de gestolde vorm. Een onvergetelijk zwart landschap, verzengend heet, waar we meer dan eens met de auto vastlopen in het zwarte gruis. Het zweet staat Tony in handen. 'Muito pegroso' zegt hij en haalt opgelucht adem als we de verharde weg weer bereiken. Wij ook trouwens.

1 april 2003 - Fogo (Kaap Verdië)
In onze baai zwemmen de meest fantastische vissen, ook een grote reuzenrog vandaag, geflankeerd door verpleegstershaaien. De kinderen van hier - die de halve dag rondzwemmen - gilden het uit. Later kwamen ze aanzwemmen met het karkas van een haai die door de vissers was buitgemaakt onderweg naar hun gewone visstekjes. Het is stuitend heet, om middernacht is het nog 27 graden.

2 april 2003 - Fogo (Kaap Verdië)
Tweede tocht over Fogo, dit keer naar de andere kant van de vulkaan, waar de koffieplantages zijn en het meeste boerenland. Hoogtepunt was het bezoek aan Pai Antão. We werden hartelijk meegenomen om de koffieplanten te bekijken - de meest koffie was net geoogst, maar er hing nog wat aan de struiken. Alles uitgelegd, hoe het wordt bewerkt, geoogst, van wie het is. Bij de winkel van Senhor Pedro, waar we wat brood kochten, werden we uitgenodigd om het toch gewoon in de huiskamer boven te komen opeten. De vrouwen in dat huishouden lieten ons zien hoe de koffiebonen op de daken liggen te drogen voor ze gepeld en geroosterd en gemalen worden. Wat een werk, vrijwel alles gebeurt met de hand. Op de terugweg direct van het land verse groente en fruit voor de oversteek naar Suriname (Indigo) en Gambia (Behemoth) gekocht. Het afscheid van de Indigo nadert.

5 april 2003 - Fogo (Kaap Verdië)
Het komt langzaam opzetten en ineens realiseer je je dat je er middenin zit. We hebben torren in het meel en in de pasta, kakkerlakken aan boord, af en toe een beest dat eieren legt onder onze nagels. Bij een laatste controle voor we weggaan blijkt de bilge helemaal vol water te staan - waar komt dat ineens vandaan? Zo te zien is er toch geen ernstig lek. Bij de laatste duik in de haven voor we morgen echt vertrekken een prachtige langoest gezien achter een steen, en een morene tussen de kleurige visscholen.

10 april 2003 - N 13º31 W 17º28
We varen al dagen aan de wind, met een forse noordoostenwind. Het stampt en rolt, maar we maken goede voortgang. Dirk is de enige die het nog echt leuk vindt af en toe, en ook hij moet zich daar flink voor vermannen. De lekkage naar de bilge is verholpen intussen, maar door de ramen stroomt het water rechtstreeks onze 'boekenkast' binnen. Dweilen maar. Bij de overgang naar ondieper water binnen een uur tijd drie tonijnen aan de haak. Nog maar 100 mijl. We zullen snelheid moeten minderen om niet bij nacht aan te komen

11 april 2003 - Banjul (Gambia)
's Morgens vlak voor zonsopgang, terwijl we de Gambiarivier willen gaan aanlopen, zien we overal snel flikkerende lichtjes, we weten niet wat het is - een wrak dat niet op onze kaart staat? Een olieplatform? Visserscheepjes? We leggen de boot stil en zakken met de stroom verder af tot het licht wordt. Bij het eerste licht zeilen we naar de buitenste boei in de riviermonding. Overal zijn nu de prauwen van de vissers te zien. Veel groter dan ik dacht - wel 12 tot 15 meter lang, met minstens 20 man erin. De enorme brede riviermonding doet ons aan de waddenzee denken. "Wat is dat daar ineens voor boei?" "Het is een pelikaan!" In Banjul overal roestige wrakken, half boven water, om ons heen. De pilot vermeldt: houd het tweede en derde wrak in lijn, tot je op ongeveer 310 graden een vage opening in de mangrove ziet. Hopelijk zijn dat nog steeds dezelfde wrakken. Achter een visser aan vinden we de weg naar Oyster Creek, tussen de mangrovewouden door. Overal vogels en vissen, en volstrekte stilte. We zijn allemaal blij dat we er zijn, maar Ties is zo gelukkig dat hij direct een cake gaat bakken om het te vieren.